Ik weet nog dat ik als kleuter een keer uit school kwam en dat m'n vader een hard, koud beestje aan me liet zien. Het was onze cavia. Hij leefde niet meer. "Hij is dood", zei m'n vader. Het was de eerste keer dat ik met de dood in aanraking kwam. M'n vader bereidde zich voor op een ontroostbare huilbui. Ik keek naar het kleine beestje in de grote hand van mijn vader. Hij zag er nog helemaal goed uit, was alleen koud en hard en bewoog niet, alsof het een pop was. Er kwam een idee in me op. Bij poppen wist ik wel hoe ze er van binnen uitzagen, die gingen wel eens stuk of m'n moeder had ze zelf gemaakt dan wist ik waarmee ze waren gevuld. Maar van een cavia had ik geen idee hoe die er van binnen uit zag. Er doemde een beeld in mijn hoofd op van een doormidden gesneden vrucht, maar dan een stuk ingewikkelder. Ik zag blauwige puntjes tussen zachtgrijze massa en hier en daar een rode sliert. Maar of het echt zo zou zijn, was ik niet zeker van. Nu hij toch dood was, konden we hem doormidden snijden, dan konden we zijn binnenkant bekijken. Ik stelde dit lumineuze idee voor aan mijn vader. Die had allerlei reacties verwacht, maar niet dit. Hij leek te gaan knikken, even dacht ik dat hij “okee” ging zeggen, maar hij zei "Nee, we gaan hem begraven." Licht teleurgesteld stemde ik in. O ja, begraven, daar had ik nog niet aan gedacht, maar was misschien ook een goed idee.
Doorsnedes laten de binnenkant van iets zien. Iets wat je normaal gesproken niet te zien krijgt. Het gaat verder dan naakt. Het is een dichte massa die in zichzelf een eenheid is en die op een bepaalde manier gestructureerd is. Deze toont zich ineens open en bloot aan de wereld. Zodra het is doorgesneden is het niet meer wat het was. De ordening van de binnenkant is door de war geschopt. Het werkt niet meer, droogt uit, verschrompelt valt uit elkaar. Maar een kort moment kunnen we de wonderlijke ordening zien van iets wat één geheel is geweest. En als je het tegen elkaar aan drukt, groeit het dan weer aan elkaar vast? En kan het zijn oorspronkelijke ordening terugvinden?
Olieverf schilderijen; Vijg, Tomaat, Granaat
Het zijn toch een soort geheimpjes die aan je worden onthuld. Door alleen de buitenkant te zien kun je slechts vermoeden hoe het van binnen in elkaar steekt, maar als je de binnenkant ziet is het toch anders dan je had gedacht. Bovendien hebben die innerlijke structuren een enorme schoonheid. Grillig en toch geordend. Is dat ook niet een geheim van het leven? Dat je binnen een bepaalde ordening ruimte moet geven aan grilligheid?
Inmiddels weet ik iets meer van de inwendige constitutie van dieren en mensen, dus mijn nieuwsgierigheid is niet meer zo groot dat ik mijn eigen dode cavia daarvoor zou opensnijden.
Onlangs kreeg ik wel een kans m’n eigen been van binnen te zien. Omdat hij een paar maanden geleden gebroken was geweest, was er metaal op m’n bot geschroefd om het bot recht en op z’n plek te houden. Alles groeide weer aan elkaar, maar het metaal zat niet lekker. De chirurg wilde het er wel weer uit halen.
Kijk
Ik haal mijn verband eraf. Er zit een hele grote pleister onder en daaronder zit een vers litteken met dito hechtingen. Een litteken komt er niet zomaar. Twee dagen voordat ik de pleister eraf haalde, lag ik op de operatietafel met een grote snee in mijn been. Met een soort krabbetjes werd hij opengehouden. Een gapend gat in mijn been. De wanden van zacht wit vlees met helder rood bloed doorlopen. Daartussen in de diepte glinsterde het metaal, dat behendig door de chirurg los werd gehaald en eruit gevist.